|
Leuven, 24-04-2009
De rol van het pleeggezin in het herstelproces
van de psychisch kwetsbare mens
De psychiatrische gezinsverpleging in Geel is een eeuwenoude
zorgvorm, die de jongste jaren echter actueler is dan ooit.
Vermaatschappelijking van de zorg is immers de belangrijkste
tendens èn de grootste uitdaging waar de psychiatrie
in het begin van de 21ste eeuw voor staat. Geel is een trendsetter
die rekent op aangepaste financiering en de erkenning van
de waarde van het model om zijn ambities en de gestelde verwachtingen
waar te maken.
700 jaar geleden woonden psychiatrische patiënten al
in pleeggezinnen in Geel. Maar pleegzorg is ook een erg innovatief
fenomeen dat voorloopt op recente maatschappelijke tendensen
en geldt als model én inspiratie voor opstartende initiatieven
elders in Europa. Psychiatrie evolueert naar vermaatschappelijking
van de zorg. Psychiatrie streeft naar inclusie, opgenomen
worden in en actief deelnemen aan de maatschappij. Voor mensen
die moeilijk zelfstandig kunnen wonen en leven, lijkt dat
in eerste instantie een onhaalbare kaart. Hoe word je onderdeel
van een sociaal netwerk, als je het moeilijk hebt om ’s
morgens uit je bed te komen; als je er nauwelijks in slaagt
om voor jezelf te zorgen, als je blijft hangen in je problemen
en je afzondert van de wereld? Doordat mensen wonen in een
gezin, gaat dat makkelijker. Het gezin heeft bepaalde geplogenheden,
waarden en normen. Wie deel uitmaakt van het gezin, wordt
meegenomen in het gezinsritme: je staat op, je wast jezelf,
je eet, je pakt de krant even vast en de dag is op gang getrokken.
Gezinnen bieden ook eenvoudige, gewone oplossingen voor soms
complexe problemen die professionelen amper opgelost krijgen.
Patiënten worden inwoners van de stad; burgers die niet
alleen een rol spelen in het gezin en hun buurt, maar ook
actief aan het maatschappelijke leven deelnemen.
Overal gaat men op zoek naar allerlei ‘artificiële’
manieren om die participatie te bekomen, in Geel en omstreken
gebeurt dat in hoge mate spontaan.
In cijfers
Pleegzorg voor mensen met langdurige en complexe psychiatrische
problemen is een geweldig alternatief voor langdurige opname
in een psychiatrische instelling. Momenteel verblijven zowat
360 gasten in 300 pleeggezinnen. Van de gasten die de jongste
15 jaar in het programma werden opgenomen, lijdt 38% aan een
gedragsstoornis (sommige gecombineerd met een leerstoornis);
33% aan een psychotische stoornis; 14% aan een persoonlijkheidsstoornis;
9% aan een stemmingsstoornis en 6% aan een cognitieve stoornis
zoals autisme. Deze groep kan zelfstandig niet verder, ook
niet in beschut wonen of een psychiatrisch verzorgingstehuis.
De ondersteuning van de gast wordt in de psychiatrische pleegzorg
gedeeld tussen het pleeggezin en de zorgvoorziening. De inzet
van het pleeggezin is geenszins te onderschatten. Medemensen
nemen hun maatschappelijke verantwoordelijkheid op en onthalen
mensen met een psychiatrische problematiek gastvrij in hun
huizen. Meer nog: ze passen hun eigen levensstijl aan om aan
de noden van hun gasten te kunnen voldoen. Uit wetenschappelijk
onderzoek blijkt dat de noden van dien aard zijn dat de gastgezinnen
op eigen familieleden of buren beroep doen om hen op hun beurt
te ondersteunen. Zo zie je dat pleegzorg niet de opdracht
is van één gezin, maar van een netwerk dat vrijblijvend
rond het gezin opereert. Met ondersteuning van het gezin en
een gespecialiseerde equipe van een psychiatrische zorginstelling
gaan de psychisch kwetsbare personen op weg naar herstel.
Dat is de handhaving of verbetering van hun levenskwaliteit.
Uitdaging
Ook vanuit zorgeconomisch standpunt is pleegzorg voor volwassenen
én ouderen met complexe en langdurige psychiatrische
aandoeningen een prachtig model. De overheid vergoedt de gezinnen
en zorgt voor specialistische ondersteuning. Ze hoeft zelf
niet in te staan voor onderdak met 24-uurs zorg. Dergelijke
soms zwaar psychiatrische zorg – en bij ouderen ook
lichamelijke zorg – in pleeggezinnen, moet adequaat
vergoed worden wil men het model verder promoten, breder uitbouwen
en nieuwe pleeggezinnen aantrekken. Ook de ploeg die het pleeggezin
begeleidt, moet passend gefinancierd worden, zodat ze de pleeggezinnen
en uiteraard de gasten voldoende en op professionele wijze
kan ondersteunen. Financiering én erkenning van de
waarde van het model zijn dan ook de problemen waar de Geelse
gezinsverpleging momenteel over struikelt en waar haar ambities
op botsen: de ambitie om pleegzorg voor mensen met langdurige
en complexe psychiatrische aandoeningen als best practise
een permanente plaats te geven in het zorglandschap; de ambitie
om nieuwe pleeggezinnen warm te maken voor dit engagement;
de ambitie om de zorgvorm breed open te stellen voor jongeren,
volwassenen en ouderen met telkens een aangepast zorgpakket;
de ambitie om de traditie in hedendaagse vorm verder te zetten;
de ambitie om samen met de andere sectoren (bv Vlaams Agentschap
voor Personen met een Handicap) pleegzorg als zorgvorm verder
uit te bouwen en te differentiëren.
Meer informatie voor de pers:
Lieve Van de Walle, directeur divisie Rehabilitatie
Telefoon: 014 – 57 91 28; e-mail: lieve.vandewalle@opzgeel.be
|